Laat voor het eten

Niet alle dolers zijn de weg kwijt

Vier seizoenen fietsen | Juni 2025

Foto hierboven: op de terugweg het bos in, kijken waar ik uitkom.

Vrijdag 6 juni 2025

Vijf dagen geleden begon het volgens de seizoensindeling van meteorologen. De zomer. Dat zegt iets maar niet alles, ons weer is een speelbal van langstrekkende hoge- en lagedrukgebieden. Vanmorgen is het met veertien graden mild, met een zon die onder lichtgrijze wolken door schijnt. Het heeft vroeg in de ochtend geregend, nu is het droog, het betonnen fietspad nog nat met gele zonlichtvlekken. Het onderwijs- en werkjaar begint aan de laatste weken. Sietse is klaar met z’n HAVO-examens en zit nu met vrienden in Griekenland, Dirk studeert en woont in Delft, Elsbeth en ik zijn deze week met z’n tweeën.

De natuur is ook klaar, haar voorjaarswerk voltooid. Bomen staan vol in blad, nieuw leven is geboren, de zon heeft haar hoogste punt bijna bereikt. Als kind was de zomer het beste deel van het jaar, het vooruitzicht van zes weken geen school was zo lang dat de horizon van nieuwe boeken en een nieuwe klas niet eens te zien was. Slapen zolang ik wilde, avondlicht tot voorbij m’n bedtijd, buiten eten. Het seizoen van zwemmen in buitenwater en zwemmen tussen de randen van de dag, zonder de vaste grond van schooltijden en het ritme van school en weekend. Zomer was vrijheid.

In m’n tweede fietsersleven, toen de beide mannen ouder werden en ik af en toe een paar dagen weg kon zonder me bezwaard te voelen, raakte ik benieuwd naar het onbekende. Routegidsen gingen uit van fietsen in de zomer met een vanzelfsprekendheid die me vanzelfsprekend deed afvragen hoe het daarbuiten daar buiten zou zijn. Als iedereen ‘A’ aanraadt, wil ik weten hoe ‘B’ is. Vragen stellen is veel interessanter dan steeds hetzelfde antwoord lezen. Dus fietste ik m’n eerste tocht sinds lang in december, in de Kersttijd van 2016, en m’n eerste klassiekers, naar Parijs en naar Berlijn, in oktober. Ik ging houden van de stilte, het lage licht, de ochtendnevel en de natuur die veranderde. Op de fiets was de zomer niet meer het hoogtepunt, het jaar bleek er veel meer te hebben.

Licht is waar de zomer het blijft winnen. Afgelopen maandag had ik om 10 uur een overleg op Schiphol. Wanneer de omgeving het avontuur niet brengt, kan het tijdstip dat doen. Om drie minuten over vijf fietste ik de wijk uit, bij de eerste vogelgeluiden en het licht van een zon die nog niet boven de horizon was. Ik had de wereld voor me alleen, het gravelpad door de Korte Duinen, de weilanden tussen Hollandsche Rading en Breukelen, de fietsbrug over het ARK bij Abcoude. In de vroege-ochtendlucht overspoelde het geluk me. Zomer.

Monnikenbos

De doorfietsroute Amersfoort-Utrecht loopt hier door het Monnikenbos.

Vrijdag 13 juni 2025

Er zijn geen wolken, de lucht is blauw en helder. Op dit uur van de dag, om zeven uur ’s ochtends, hebben zon en lucht de mildheid die eeuwig mag duren. Een van die momenten waarop het weer de perfectie nadert.

De rust in m’n hoofd keert stukje bij beetje terug. De grote opdracht voor Schiphol die me een half jaar in beslag nam is zo goed als af. En de Fietselfstedentocht van afgelopen weekend bracht vertrouwen. Ik maakte me zorgen over m’n knieën, die op vreemde momenten en ongewone plekken pijn deden. ‘Waarschijnlijk slijtage’ volgens de fysiotherapeut die niets kon vinden, ‘wanneer je ouder wordt krijg je niet alleen rimpels aan de buitenkant, maar ook aan de binnenkant’. Een metafoor waarvan ik niet rustig werd. ‘Spieren sterker maken helpt om je gewrichten te ontlasten’. Oefeningen doen. Die deed ik, en ik besloot twee keer per week de dag te beginnen met een vroege wandeling door de stad. M’n knieën zijn, vreemd genoeg, niet meer gewend om te lopen. Fietsen is te leuk. Wat het was, ik heb geen idee, maar het lijf zoals ik dat kende kwam terug. De Fietselfstedentocht was niet alleen 235 kilometers door een landschap waar ik op andere momenten nimmer voor m’n lol zou fietsen, maar ook een test. De medaille die ik ’s avonds om half tien in de feesttent naast de finish mocht ophalen was niet voor mij, na acht keer wist ik inmiddels dat ik het kon, maar voor m’n lijf. Ik heb nergens last van gehad, de goede God zij gedankt en geprezen, alhamdulillah.

De tocht was ook een test voor de Salsa, na netto bijna 13 uur in het zadel weet je of de fietshouding van een fiets goed is. Die is goed. M’n oranje Fargo blijft niet onopgemerkt. “Is dat het gravel-model van Santos?” zegt een medefietser bij de stempelpost in Sloten. “Het is een Salsa, geen Santos”, antwoord ik, terwijl ik vermoed dat het ‘Sa…’ op de onderbuis (de rest is onleesbaar door de frametas) de verwarring veroorzaakt. “Sneaky om de merknaam ook met ‘Sa’ te laten beginnen, denkt iedereen dat het een Santos is!”. ‘Terwijl het in werkelijkheid een goedkope kloon is’ is wat hij overduidelijk bedoelt. Daar word ik een beetje verdrietig van. Norman Bates-verdrietig. Ik twijfel of ik zal vertellen dat er buiten zijn fietsenmerk nog een hele wereld is. Waarin het moederbedrijf van Salsa en Surly, waar ruim zeshonderd mensen werken, wereldwijd best een paar fietsen verkoopt. En al zo lang dat de Cutthroat en Fargo begrippen zijn. En dat, in het onwaarschijnlijke geval dat ik een aluminium frame een goed idee vind voor een bagagefiets, ik wel op een Santos had gefietst als ik daar blij van was geworden, thank you very much. Ik vind de naastenliefde in mijn hart en laat de man z’n weg vervolgen. Eigenlijk verdien ik vandaag twee medailles.

Fietsen bossen Soest

M’n Salsa voelt zich hier thuis.

Vrijdag 20 juni 2025

Ik ga van huis in korte broek en dunne trui. Het is zestien graden, de lucht is blauw met een paar witte wolken, er is haast geen wind. Terwijl we over het fietspad langs het spoor fietsen lijkt het alsof we laat op de fiets zitten, de zon is al twee uur op. Komende nacht, om tien over half vijf ’s morgens, bereikt de zon haar hoogste punt, de zomerwende. Ik heb het altijd vreemd gevonden dat de echte zomer, met de warmste dagen, dan nog moet beginnen. In de winter geeft me dat hoop. Op het moment dat de zon weer terugkeert, na de winterwende rond 21 december, moet de echte winter nog beginnen. Terwijl de aarde door blijft gaan met afkoelen en de schaarse Nederlandse wintersneeuw valt worden de dagen langer en komt er een moment dat Elsbeth niet meer in het donker thuiskomt. In de zomer is dat andersom, dat heb ik altijd moeilijk gevonden. Dat het licht al aan het verdwijnen is wanneer de dagen van lichtheid en vrijheid, in de vakantie die het ene jaar van het andere scheidt, nog niet zijn begonnen. Ik troost mezelf met de gedachte dat avondlicht tot acht uur, zoals in september, ook al heel mooi is. Alles beter dan de nacht die eind december al om half vijf begint. Alles beter dan het donker.

Nu is er geen donker, nu is er licht. Zomerlicht. Het is buiten te mooi, hier te zijn te geweldig, om meteen naar huis te fietsen. Ik kijk op de kaart-app en fiets Den Dolder uit, naar het noorden, het bos in naar Lage Vuursche. Ik vind een fietspad dat ik niet ken, een smal gravelpad waar niemand is. Ga links en rechts, langs weilanden waarop het gemaaide gras naar onbezorgdheid ruikt, langs bomen waarvan de bladeren zingen in het zonlicht, door schaduw die me koestert. Ik stop, maak een foto en luister. Naar de vogels die fluiten, naar de natuur die er alleen maar hoeft te zijn. Het is twintig graden, ik sta alleen op het bospad en maak ook in gedachten een foto. Een foto van geluk.

Fietsen Lage Vuursche

Nieuw routestuk op de terugweg.

Vrijdag 27 juni 2025

We fietsen weg met regen, na een paar warme dagen voelt dat wonderlijk. Veel is het niet, lang duurt het niet. Toen vanmorgen om kwart over zes de wekker ging was er even de gedachte, het verleidelijke idee voor m’n lijf dat van ver moest komen om wakker te worden, om vandaag over te slaan. De afgelopen vier dagen fietste ik naar Terneuzen en terug, voor een werkoverleg op woensdagmorgen. Spullen achterop, tracks in de gps, vrijheid in het hoofd. Met 470 kilometer niet heel ver, maar wel heel leuk. Kamperen, de eerste echte tocht met de Salsa, bossen, België, zomeravonden voor m’n tent. Ik zou mezelf ontheffing kunnen verlenen, m’n lijf heeft nu even rust nodig, maar met de verleiding komt ook een andere gedachte in me op: slappe hap Peeters. Ik heb geleerd dat wanneer ik mezelf te serieus neem, de sprankels doven die het verschil maken tussen middelmaat en dat wat daar voorbij ligt. Deze kleine vorm van ongemak, toch m’n bed uit, is te mooi om niet te benutten. Ik sta op, kleed me aan en zet alvast de fietsen buiten. Zet koffie, kijk naar buiten waar druppels vallen en eet iets kleins om het eerste uur door te komen. Als ik straks weer thuis en gedoucht ben ga ik ontbijten bij de HEMA. Daar zal ik nieuwe zinnen schrijven aan mijn meesterwerk (zoals J.K. Rowling Harry Potter verzon in de trein). Maar dat mag niemand weten, en dat weet ook niemand.

Op het glimmende betonpad langs het spoor hervinden lijf en hoofd de cadans van het bewegen en maakt de frisheid van de lucht m’n hoofd helder. Fietsen is iets wonderlijks. Als ik thuis, zittend achter m’n Mac, sombere gedachten heb over knieën die rimpelen, een lijf dat er elk moment mee kan ophouden en de eindigheid van het leven, is er meestal maar één remedie. In het zadel, op goed geluk toerend door de ommelanden van Amersfoort, verdwijnt de somberheid. Op de fiets zijn de gedachten er niet, ze hebben niets te maken met de wereld onder m’n wielen. Wat ik vanaf het zadel beleef is het ware hier-en-nu, waarin m’n lijf zich thuisvoelt, waarin m’n gedachten tot rust komen en de balans terugkeert.

Ik help de juf met het in een kring zetten van de stoeltjes (om en om met een gele en een roze punt, voor kleine en nog kleinere mensjes), geef haar een zoen en fiets terug. Via de normale weg, zonder omzwervingen. M’n kilometers heb ik deze week al gemaakt.

De zomer | juli 2025

Doorfietsroute Amersfoort-Utrecht

Het heeft geregend, voor het eerst in lange tijd.

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.


Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.